Trek niet alle verantwoordelijkheid naar jezelf toe

Na een opname begon voor Elsa (51) de weg naar zinvol werk. Een weg van thuiszorg naar projectleider. Van kansen en tegenslagen, maar altijd ondernemend en lerend van ervaringen.

Het is alweer meer dan twintig jaar geleden dat ik voor de tweede keer werd opgenomen. Daarna heb ik nog een tijdje beschermd gewoond. Studeren ging even niet. Ik vond wel dat ik iets moest doen en toen ben ik in de thuiszorg gaan werken. Mijn vrije tijd besteedde ik bij het Diep Water Collectief, een kunstenaarsvereniging voor mensen met een psychische kwetsbaarheid.

Miskend Talent

Daar ontmoette ik Jet Vesseur, die onderzoek deed naar ervaringsdeskundigheid bij het Instituut voor Gebruikersparticipatie en Beleid (IGPB). Zij regelde altijd de subsidie voor het Diep Water Collectief. Zij vroeg ons wat we verder nog wilden realiseren. Ik wilde heel graag een schrijfcursus volgen. Daar was haar partner Hetty toevallig heel goed in. Voor de televisie schreef zij later mee aan ‘Koefnoen’ en ‘Spangas’. Samen schreven wij enkele toneelstukken voor toneelgroep ‘Miskend Talent’, na het overlijden van Jet nu Toneelgroep Jet.

Jet zocht ook een manager voor een uitgeverij. Ik meldde mij spontaan aan, al wist ik niet eens of het een betaalde functie was. Zo begon ik na een half jaar wachten op subsidie in 2005 met het inrichten van wat uitgeverij Tobi Vroegh. In diezelfde tijd volgde ik de opleiding ‘Sociaal ondernemen vanuit Cliëntenperspectief’. Ook dat was opgezet door Jet en haar collega’s van het IGPB. Deze opleiding duurde een jaar. Je moest dan een dag in de week naar school. Ik leerde daar mijn competenties kennen, bedrijfsplannen schrijven, gesprekken voeren en nog veel meer.

Vind een omgeving om jezelf te ontplooien

Ik kan heel gedisciplineerd zijn, dat heb ik gewoon toevallig. Afspraken maken met jezelf en je ook daaraan houden. Zo had ik vanaf mijn jeugd met mezelf afgesproken: geen harddrugs en studeren of werken. Ik ben heel blij met deze karaktertrek. Bij Tobi Vroegh ontdekte ik nog meer ondernemerskwaliteiten. Dat ik goede sociale vaardigheden heb, dat ik bijzonder goed kan netwerken, dat ik mensen kan enthousiasmeren en motiveren. Het gaat sowieso om de weg ernaartoe, hoe doe je het!

Het is heel belangrijk geweest dat ik een omgeving heb gehad om mezelf te ontplooien en te ontwikkelen. Toen ik bij de uitgeverij begon was ik drieënveertig. Dat is de charme van SCIP. Dat je daar binnen kan komen, of je 18 bent of 58, en dat je als projectleider er weer uit kan komen. Dat kan! Dat kan echt! Je krijgt de gelegenheid om te doen wat je wilt doen, wat je kan, wat je wilt leren.

Ondernemen kan ook zwaar zijn

Hoewel mijn baan bij de uitgeverij heel leuk was, zag ik een paar jaar later een baan voorbij komen die me nog meer aansprak, namelijk die van kwartiermaker. Kwartiermaken is clienten helpen in de maatschappij terug te komen op een plek waar diegene zich het beste thuis voelt. Om, in mijn eigen woorden, met hun talenten en vaardigheden weer een “geacht burger” te worden. Ik vond het belangrijk om als eerste ervaringsdeskundige kwartiermaker bij Mentrum een voortrekkersrol te kunnen vervullen. Ik solliciteerde met succes en zo begon ik in 2008 als kwartiermaker bij het Jellinek Mentrum. In dat werk kon ik gebruik maken van mijn ondernemersvaardigheden die ik eerder had ontwikkeld. Zo zette ik in IJburg een kookclub op; ‘Eten bij De Stek’. Ik werd daar ook projectleider van. Vier dagen per week waren we open. Eerst voor cliënten en later ook voor mensen uit de buurt.

Omgaan met vrijwilligers en cliënten heb ik maar gewoon gedaan. We kunnen elkaar ook altijd aanspreken, daar voelen we ons veilig in. Alles wat ik deed kwam uit mijn eigen natuur. Als je met zijn allen bezig bent met hetzelfde doel dan gaat de weg ernaartoe vanzelf.
Ons doel hier bij De Stek is om een goed menu neer te zetten en mensen het naar de zin te maken. Dat mensen weten dat ze hier goed eten krijgen; een driegangen maaltijd voor vier euro vijftig. Dat blijft een uitdaging, want het is altijd in beweging, je bent nooit klaar. Ik doe dit al sinds 2008 en elke dinsdagavond om zes uur stond altijd het eten klaar. Daar mag je als cliënt heel trots op zijn dat je dat voor elkaar krijgt, met elkaar.

Afstand en nabijheid

Want er gebeurt verschrikkelijk veel met al die cliëntvrijwilligers, maar er is niemand die wat van al die strubbelingen merkt. Als het echt even niet goed gaat met de mensen hier, dan kloppen zij bij mij op de deur. Ze storten hun hart uit en gaan weer aan de gang. Het is eigenlijk vaak meer dan genoeg dat je even luistert. Op een gegeven moment heb ik een regel gesteld: er wordt hier niet geroddeld. Als je wat kwijt wilt, dan kom je naar mij toe en dan gaan we daarover praten. Dan ben je het kwijt en dan is het goed. We willen gewoon met elkaar omgaan. We hebben allemaal wat en als je daarvan uitgaat is er meer tolerantie en veiligheid.

Mensen laten matchen dat is een kunst! Alle lijntjes bij elkaar laten komen. Dat alle belanghebbenden, de organisatie, de medewerkers, de cliënten en de buurtbewoners zich in de samenwerking goed voelen. Soms lukt me dat wel en soms lukt me dat niet. Hoe persoonlijk ik ook word met cliënten, je moet zorgen dat je professioneel blijft. Dat gaat over nabijheid. Ik zit op Facebook en verschillende mensen van de Stek, vrijwilligers, zijn facebookvrienden van me. Op de een of andere manier hebben we toch een code gevonden, een grens gevonden. We gaan het op Facebook niet over werk en moeilijkheden hebben. Meestal, als we elkaar contacten, dan is het gewoon leuk. Mijn privénummer heeft niemand, maar als het echt nodig is dan weten ze mij ook in het weekend en op vakanties op facebook te vinden.

Verdeel taken

Achteraf bleken de plannen voor de Stek niet werkbaar. Zestien cliënten per dag die allemaal een CIZ-indicatie of een andere vorm van financiering moesten meenemen haalden we niet. Zeker niet met een trajectbegeleider die een te grote caseload had. Ook was er geen geld voor vervoer en mijn collega had twee banen en was te breed inzetbaar en dus overvraagd. Het was veel te veel. Ik moest alle administratie zelf doen, het kasboek bijhouden, de registratie, de PR en de externe contacten en de website.

Dat is me enorm tegengevallen, ik was bezig in alle gaten te springen. En ik ben een perfectionist. In anderhalf jaar heb ik geen enkele vrije dag gehad. Op een gegeven moment wist ik het ook niet meer. Ik zag niet meer waar het nou mis ging. Voordat we de Stek vier dagen per week openstelden had ik moeten zeggen dat de middelen beperkt zijn. We hadden eerst bij elkaar moeten gaan zitten en nadenken hoe we het zouden doen: wie wat zou doen, hoe we het zouden vormgeven, wat we zouden aanbieden, wat het zou kosten, enzovoorts.
Helaas vind mijn organisatie het kwartiermaken niet meer tot haar core business horen en heb ik inmiddels een andere functie gekregen: ik ben vanaf 15 juli dit jaar trajectcoach geworden. Anders, maar ook leuk!

Stel grenzen aan je inzet

Als het aan mij lag zou ik De Stek verplaatsen. We zitten fysiek te ver weg van de woon- en trainingscentra verder op het eiland. Ik zou met Ymere praten en van pand ruilen, verder het eiland op, dichtbij het winkelcentrum; want daar komt iedereen. Misschien werkt het plan om van de Stek een kringloopwinkel te maken dan. Ondanks dat het niet helemaal lukte met De Stek, heb ik er wel veel uit geleerd.

Zoek de mensen die je echt kunt vertrouwen, want je hebt elkaar nodig. In je eentje lukt het niet. En blijf bij jezelf, altijd! Zorg dat je niet wordt meegenomen in die gekmakende maatschappij met managers, productie, registratie en ego’s. En zeg op een gegeven moment ook tegen jezelf: ik heb genoeg gedaan en het is klaar!

NB
Elsa heeft twee romans geschreven onder het pseudoniem Olga de la Fontaine. Elders is zij op Ervaringswijzer te vinden als blogger.

Elsa

tags: 

Lees de interviews:

tags: