De PAAZ bracht mij aan het schrijven

Myrthe (29) raakte in haar eerste baan al redacteur na twee jaar overwerkt en werd opgenomen op de Psychiatrische afdeling van een ziekenhuis (PAAZ). Tijdens en na haar opname was ongeveer haar enige gedachte: “Ik wil weer aan het werk”. Dat werk is schrijven geworden, eigen boeken schrijven.Haar eerste boek PAAZ. Een psychiatrische roman werd een succes.

Ik vond het zo verschrikkelijk leuk om redactiewerk te doen bij de uitgeverij, waar ik een baan aangeboden had gekregen tijdens mijn stage. Ik ben gedreven, wilde alles doen en dat lukte ook heel goed. Zo kreeg ik vrij snel meer verantwoordelijkheden die ik gretig aannam. Alles om nieuwe dingen te leren. Als het me teveel leek dacht ik: “Niet zeuren, iedereen kan het”. Maar na twee jaar was ik zo overwerkt dat ik opgenomen werd.

Schrijver? Nee redacteur

Heel veel mensen willen schrijver worden. Veel debutanten schrijven boeken vol met de meest afschuwelijke dingen, vaak over hetzelfde thema. Als redacteur kreeg ik deze dan ook op mijn bureau en moest ik hen meestal vriendelijk afwijzen.

Toch wilde ik diep in mijn hart schrijver zijn. Het leek me gewoon heerlijk om al die ideeën uit mijn hoofd te kunnen halen en vorm te geven. Ik moest er dan wel zeker van zijn dat mijn boeken een succes zouden worden. Ik heb in mijn werk veel irritante boeken/manuscripten voorbij zien komen.

Dringende verhalen

Ik twijfelde nooit aan het feit dat ik schrijver kon zijn. Ik had ook verhalen in mijn hoofd, maar niet heel erg dringende. Het helpt als je een dringend verhaal hebt. Dat kan persoonlijk zijn , maar het kan ook zijn dat een verhaal steeds weer in je opkomt.

De eerste helft van mijn periode in de PAAZ schreef ik gewoon voor mijzelf. Alle dingen die gebeurden; de leuke, hilarische dingen en nare dingen. Het moest uit mijn hoofd, omdat het er maar doorheen bleef spoken. Pas na een tijdje dacht ik: hier zit een boek in. Toen haalde ik er een literair agent bij.

Ik ben nu schrijver

Ik heb altijd wel geschreven. En dat ik het nu fulltime kan doen, betekent dat ik continu bezig ben met de verhalen uit mijn hoofd te krijgen. En er komen altijd weer nieuwe voor in de plaats. Eigenlijk ben ik altijd aan het brainstormen. Nu kan ik leven van het schrijven, wat op zich wel bijzonder is. Het voelt goed dat ik kan doen wat ik altijd wilde doen.

Toen ik een contract kreeg bij de House of Books, voelde ik mijzelf pas een echte schrijver. Dat contract duurt nu nog een jaar.
Soms mis ik wel collega’s, of iemand die zegt: “Dit taakje moet dan af zijn”, of iemand die aangeeft wat de redelijke eisen zijn die je aan jezelf kunt stellen.

Niet te stoppen

Ik kan mijzelf moeilijk afremmen. Dat is mijn grootste valkuil. In principe probeer ik dat zelf in de gaten te houden. Ik heb dat geleerd in gesprekken met de psycholoog. Medicatie helpt ook, het zorgt ervoor dat de ergste hyperproductiviteit er vanaf gaat.
Ook mijn omgeving kan mij moeilijk afremmen. Als iemand mij zegt dat ik veel te lang doorga, zeg ik dat het af moet. Mijn vriend kan mij slechts een klein beetje afremmen. Als ik makkelijker corrigeerbaar was, was ik niet zo vreselijk diep in de problemen gekomen.

Daar tegenover staat dat ik wel vreselijk productief ben door deze drive om te werken. Na PAAZ heb ik twee boeken geschreven. Nu ben ik bezig met een nieuwe roman: KALF. Die is nu bijna af. Totaal staan er zeven boeken in de wacht. De verhalen zitten al in mij hoofd en de concepten staan al op papier.

Na de PAAZ

Het eerst wat ik deed toen ik de PAAZ verlaten had, was naar de bibliotheek rennen en boeken over de psychiatrie lenen. Ik heb in dat jaar wel honderd boeken hierover gelezen. Vooral over psychiatrische inrichtingen vanuit het oogpunt van psychiaters, psychologen en patiënten. Dit om te weten wat er nou eigenlijk met mij is gebeurd en hoe anderen dat zien. Het achter slot en grendel zitten in een kliniek. Is dat eng?

Ik ervoer de PAAZ zelf als een heel veilige wereld, want de buitenwereld wordt buiten gehouden. Er worden even geen vragen meer aan je gesteld en geen eisen. Ik wil weten hoe anderen dat voelden.

Psychiatrie & zeurverhalen

Wat ik wel in de bibliotheek vond waren over het algemeen afschuwelijke zeurverhalen van patiënten die over hun ervaringen schreven. Mensen die volledig blind een boek hebben geschreven volgens de wetten: psychiaters zijn de duivel, medicatie is de hel, verpleegkundigen zijn sadisten, andere patiënten zijn eng. En: de enige die hier enigszins normaal is ben ik, dus waarom zit ik hier?

Ik denk dat deze mensen tot geen enkel zelfinzicht zijn gekomen. Dat is treurig. Het is gemakkelijk om af te geven op de ander, het maakt jezelf tot de held van het verhaal. Zo was het in mijn beleving helemaal niet. De mensen in de psychiatrie deden hun best.

Even secretaresse

Het enige wat ik dacht tijdens en na mijn opname: ik wil weer aan het werk, ik wil weer collega’s. Ik ben toen ook weer aan het werk gegaan. Bewust niet meer in de uitgeverij. Ik werd secretaresse bij een advocatenkantoor. Tijdens het sollicitatiegesprek heb ik open mijn verhaal verteld. Het is een wonder, ze wilden me toch hebben.

Maar na ruim vier maanden stortte ik weer helemaal in. Blijkbaar lag het niet alleen aan de uitgeverij, maar ook aan het feit dat ik steeds allemaal klusjes op me af zag komen en in de stress raakte. Toen werd ik weer opgenomen op de PAAZ. Deze keer gedurende zes weken.

Redding

De grond onder mijn voeten viel weg. Wat kan ik dan nu nog? Ik wist het niet meer. Ik ben na mijn opname mijn ervaringen gaan opschrijven en op een gegeven moment zag ik er een boek in. Dat manuscript werd door mijn literair agent aangeboden aan diverse uitgevers.

Ik kreeg op dit moeilijke moment het goede nieuws te horen dat er een contract voor PAAZ was getekend bij uitgeverij The House of Books. Het was nota bene met een two-book-deal: mijn tweede boek wordt ook door hun gepubliceerd. Toen dacht ik: “Nou ja, als ik nou gewoon eens doorga… met schrijven.”

Werk voor alles

Ik ga altijd door, dit is een soort onverschilligheid. Ik doe alles voor werk, maar ik vergeet daardoor vaak wel te leven. Werk is voor mij het grotere goed, het alles. Werk is zo heerlijk helder heerlijk duidelijk: als je A doet is het resultaat B en B is goed. De wereld wordt in hele kleine behapbare stukjes gehakt.

Ik zorg altijd dat er werk is, zo niet, dan verzin ik het. Op de PAAZ had ik natuurlijk geen werk. Ik ga de beste patiënt zijn, dacht ik. Dat was mijn werk: de persoon zijn die nooit iemand last bezorgt. Als ik dat niet meer kan dan val ik in een heel diep gat. Ik heb een extreme behoefte aan focus. Dat hangt samen met Asperger/autisme. Dingen gaan boven mensen. In mijn geval: werk gaat voor alles.

Relatie tussen mij en mijn boeken

In mijn boek PAAZ zie je natuurlijk heel duidelijk de relatie tussen mijn psychische problematiek en het boek. Maar in mijn nieuwe boek ‘Kalf’, dat volledig fictief is, merk ik dat alle dingen die mij echt diep van binnen bezighouden op een nieuwe manier vorm gegeven is. Eenzaamheid, leven met de dood, maar ook humor. Het idee dat je wel tussen andere mensen staat, maar toch altijd een eilandje bent. Wat gebeurt er als twee eilandjes elkaar ontmoeten? Wanneer is iets te laat? Kun je dingen veranderen?

‘Kalf’ gaat over vader en zoon, beide acteurs. Ze hebben beide heel veel bereikt op het gebied van werk en dan worden ze door het lot samen gebracht (door mij dus). Dan moeten ze daar opeens een soort modus vivendi voor vinden, een manier om met elkaar om te gaan. Want het idee familie, dat waren ze vergeten.

Dat is eigenlijk waar PAAZ ook over ging. Ik voel me altijd een eiland, PAAZ zat vol met outcasts, mensen die op een point of no return waren gekomen in hun leven en dan vervolgens omkijken naar het slagveld en denken hoe moet ik hier iets uit maken en met wie ga ik dat dan doen?

Emoties laten beleven

Als ik schrijf dan wil ik dat die lezer bij wijze van spreken door al die moties heen gesleurd wordt. Probeer maar eens niet te huilen! Als mijn hoofdpersoon iets voelt, dan wil ik dat de lezer het ook voelt. Ik heb wel het idee dat ik weet hoe dat echt voelt, dat kei-gelukkig zijn, en ik wil mijn personages dat ook meegeven. Niet alleen maar dat bleke grijze.

Misschien speelt mijn manisch depressiviteit hierin een rol. ‘Ze’ zeggen dat manisch depressieve mensen de wereld kleurrijker zien in manische fases. Ik weet niet of dat waar is, ik vind dat wat kortzichtig. Zo van: dan hebben die mensen ondanks hun rottigheid ook wat leuks. Maar het leven heeft gewoon ups en downs, dat wisselt elkaar af en dat maakt het leven chaotisch en moeilijk te begrijpen

Minder leuke kanten van het schrijven

Ik houd niet zo van publiciteit, naar iets toegaan, praten. Het geven van interviews gaat wel, maar alles eromheen, de e-mail, telefoontjes, dingen regelen, plannen etc. Dat vind ik niet leuk. Maar ik doe deze dingen wel, het hoort erbij.

Laatst werd ik gevraagd voor een presentatie bij TedEx, een wereldwijde organisatie die draait om ‘ideas worth spreading’. Dat was een hele eer voor mij. Vanaf het moment dat ik ja had gezegd, ging ik steeds slechter slapen tot bijna niet meer. Dit ondanks mijn slaapmedicatie. Ik kon me steeds moeilijker concentreren, kon moeilijker op woorden komen. Een maand voor mijn presentatie kreeg ik hartklachten. Met hartkloppingen ging ik naar de huisarts.

Uiteindelijk zei ik de presentatie een week van te voren af. Ik trok het gewoon echt niet en ik baalde daar enorm van. Ik vind het heel moeilijk te accepteren dat ik zoveel last ik heb van deze stress. Mijn medicatie kon er niet meer tegenop, dat vind ik eng. Accepteren dat ik sommige dingen niet kan. Dat is het moeilijkst.

Tien is het streven

Het verrast me niet zo dat PAAZ zo’n succes is geworden. Ik werd gebeld dat PAAZ in de top zestig op plek vierentwintig stond. Dat is hartstikke hoog en goed nieuws. Ik was blij, maar reageerde met de woorden: “Ja, maar daar deden we het toch ook voor?” Ik ga op zich niet voor minder. Mijn streven is toch wel die tien.

PAAZ verkoopt nu kennelijk heel goed omdat iedereen in de Zorg het boek wil lezen. Op Twitter lees ik tweets als: “Oh, eindelijk een boek dat echt laat zien hoe het er aan toegaat op de PAAZ”. Mijn volgende boek is een verzonnen verhaal en daar ligt de boekhandel helemaal vol mee. Ik vind het wel heel spannend of dat ook gaat lopen.

Milder

Het leren kennen van mijn diagnose gaf me inzicht. Het zorgde er vooral voor dat ik minder streng, milder voor mijzelf werd. Voorheen zag ik wat ik wel deed. Ik zag ook dat ik afwijkend was in mijn denken. Ik kon het alleen niet plaatsen en dacht: “Stel je niet aan”.

Medicatie helpt mij ook goed. Als ik die niet zou hebben, zou ik veel gejaagder zijn. Dan kan ik mijn ideeën niet meer bijhouden. Ik voelde me binnen twee weken veel beter met lithium. Zo had ik mij niet eerder gevoeld; heel rustig. Die diepe ervaring is helaas verdwenen. Wel blijf ik zoeken naar andere medicatie. Ik heb wel wat gevonden, maar nog niet met hetzelfde effect als ik de eerste keer heb ervaren met innemen van lithium.

Inspiratiebronnen

Mijn ideeën doe ik nu vooral op via de televisie en dan met name Discoverychannel waar alle mannen houthakkers, goudzoekers, vissers etc. zijn. De interactie tussen de mannen vind ik zo geweldig. Hoe werkt het bij hun en hoe gaan zij om met teleurstellingen? Hoe zien ze eruit als een vistuig kapot gaat, wat als je geen goud vindt? Ik ben gewoon de hele tijd bezig met: jij bent zo groot en stoer, hoe reageer jij? Een soort psychologisch experiment. Als schrijver ben ik continu mee bezig met die emotie.

Het schrijven an sich

Ik vind het schrijven op zich dodelijk saai. Het bedenken van verhalen daarentegen is geweldig! Ik heb het al meegemaakt in mijn hoofd en nu moet ik het ook nog gaan opschrijven. Door leuke taalvondsten toe te passen maak ik het leuk. Of soms gebeuren er dingen die ik toch niet had bedacht. Mijzelf er elke dag toe zetten, is pittig. Vooral het bedenken van de verhalen is leuk en ook het meeliften op de emotie van de personages.

Schrijversvoorbeelden

Terry Pratchett, een britse fantasy schrijver is denk ik mijn grootste voorbeeld. Hij heeft een wereld geschapen die zo briljant, humoristisch en complex is dat hij er al meer dan twintig boeken over heeft geschreven. En in ieder boek neemt hij onze wereld op de hak.

Twee boeken van de Nederlandse literatuur die ik echt geweldig vind zijn Kees de Jongen en Nooit van Theo Thijssen en Nooit meer slapen van WF Hermans. Laatstgenoemde is zo ontzettend wreed tegenover zijn hoofdpersoon. Ik huil me suf en lig helemaal dubbel. Dat gebruik ik ook in mijn eigen schrijfproces. Ik pers die gevoelens er zo uit.

Nog meer succes

Van PAAZ wordt een televisieserie gemaakt! Wat ik bijzonder vind om te zien is hoe ontzettend enthousiast iedereen erop reageert. De regisseur, filmagent wil het meteen hebben en een scenarioschrijver en gaat kijken hoe hij het in zijn drukke schema gaat inpassen.

PAAZ heeft ondertussen ook een nominatie gekregen voor de Dioraphte Jongerenliteratuurprijs 2013. Mijn boek is uitgekozen door een echte jury met gerenommeerde schrijvers. Ik voelde me even heel blij.

Druk van de omgeving

Bij alles wat ik doe ga ik ervan uit dat als ik me voldoende inzet ik het kan. Ik wil van mijn agent /uitgever weten wat ze ervan vinden. Is het niet goed, dan betekent dat harder werken. Anderen jagen mij niet op. PAAZ staat vol met wat er gaat gebeuren als ik overwerkt raak. Bij TedEx afhaken voelde erg vernederend, maar dat moest ik van niemand doen, ik kan moeilijk nee zeggen.

Mijn zwakte is mijn sterkte

Ik weet mijn twee diagnoses zo te draaien dat ze grotendeels voor me werken in plaats van alleen maar tegen me. Ik weet het beter te kanaliseren. Mijn diagnoses zijn: Asperger & manisch depressiviteit. Ik kan veel kwijt in mijn verhalen. Bij mij werkt werken op kantoor dus niet, terwijl ik dat heel graag zou willen; collega’s, een baas, een baan van negen tot vijf. Maar ja, als dat niet kan, zoek ik verder. Ben wel blij met het contract met The House of Books.

Scenarioschrijver

Omdat mijn bestaan als schrijver relatief nog kort is, weet ik niet of ik volgend jaar instort of dat het duurzaam is. Ik heb op dit moment zeven boeken ruw uitgewerkt/in hoofd staan. Genoeg inspiratie om te schrijven. Ik vind het griezelig om alleen boekenschrijver te zijn. Voor hetzelfde geld slaat het boek helemaal niet aan. Stel dat het niet lukt… dat is wel heel kwetsbaar, erg specialistisch. Daarom wil ik nu ook naar scenarioschrijven gaan. Ook handig nu mijn eigen werk verfilmd wordt in een serie.

Tip: probeer van je zwakte je kracht te maken, maar ken daarin je grenzen.

Myrthe

tags: 

Lees de interviews:

tags: