Klein leven in een grote wereld 

Twee generaties door dialoog in verbinding gebracht 

Achtentwintig jaar geleden raakte Monique (nu 61 jaar) zwanger van haar dochter Gloria. Na de bevalling kreeg zij een postnatale depressie, wat ontwikkelde tot chronisch psychische problematiek. Er waren hoge schulden. Mede door haar alcoholverslaafde partner, die drie jaar geleden plotseling overleed. Voor Gloria was het moeilijk om op te groeien tussen twee zieke ouders, maar momenteel het een stuk beter met, en tussen, Gloria en haar moeder. Ondanks dat zij door de generatiekloof compleet anders met de situatie zijn omgegaan, is er nu begrip.

Hoewel het gezinsgeluk in de eerste jaren al wat scheurtjes vertoonde, zorgde het faillissement van het bedrijf van Gloria’s vader in 2002 ervoor dat alles snel bergafwaarts ging. Haar vader ging steeds meer drinken, werd met de dag bozer op de wereld en vooral op wie dichtbij hem stonden: zijn vrouw en kind. Monique raakte in die tijd weer zwaar depressief. Dit zorgde ervoor dat zij voor de eerste keer een suïcide poging ondernam. In de periode erna werd de situatie steeds minder houdbaar, vooral financieel. Er volgde een tweede poging, waarna Monique als bipolair werd gediagnosticeerd. Sindsdien zit ze aan medicatie en is ze stabiel. Gloria: “Ondanks dat het nu al jaren goed gaat, ben ik nog steeds bang dat ze het nog een keer probeert. Toch vind ik het niet eerlijk van mezelf dat ik dit nog op haar projecteer.”

Alleen

Moeder Monique woont nu samen met haar hondje in een kleine seniorenflat in de Bollenstreek. Door haar diagnose zit zij in de ziektewet. Momenteel krijgt zij ook hulpverlening voor alle schulden die na het wegvallen van haar partner op haar zijn verhaald. Toch is Monique tevreden met wat zij nu heeft. Het voordeel is dat zij door de jarenlange schulden heeft geleerd om blij met weinig te kunnen zijn. Ze heeft nog weinig dromen over. “Want,” zegt ze, “zonder geld vallen simpelweg weinig dromen waar te maken.” Daarbij: “Ik heb al genoeg meegemaakt. Na dertig jaar in stress te hebben geleefd, geniet ik van de tijd voor mezelf.” 

Monique geeft toe dat het lastig is zichzelf dagelijks te motiveren om iets te ondernemen. Standaard dingen als douchen, koken of de hond uitlaten, lukken gelukkig wel. En fietsen naar de supermarkt. Soms zelfs een paar dorpen verderop, als die specifieke aanbiedingen heeft. Verder zit ze voornamelijk binnen. Dit wijdt ze ook aan de zware medicatie die zij dagelijks slikt. Gloria is het hiermee eens: “Zo zonde dat jij toentertijd niet gewoon in therapie bent gegaan, of eigenlijk nog steeds!” Monique knikt, maar zegt ook: “Als je al zo lang in die kleine wereld leeft, is het moeilijk in te beelden hoeveel deze eigenlijk te bieden heeft.”

Meedoen

Want hoe doe je weer mee na al die jaren in overlevingsstand? Monique loopt hier dagelijks tegenaan. “Ik ben constant bang om afgewezen te worden en denk al snel dat ik te veel ben. Hierdoor sta ik met weinig mensen in contact.” Ze geeft daarbij aan wel meer vrienden te willen, “maar,” zegt ze direct ,“dat kan ik helemaal niet.” Toch is ze, als ze goed nadenkt, heus niet zo alleen. Ze heeft een hele grote familie (lees: tien broers en zussen) om zich heen, waarvan een deel regelmatig langskomt. Net als haar dochter natuurlijk. Ook heeft ze leuk contact met haar buurvrouw, die enigszins in hetzelfde schuitje zit.

Ook volgt ze regelmatig een cursus als dit (vrijwel) gratis aangeboden wordt. Gloria: “Ontmoet je daar dan geen mensen?” Monique: “Ja, maar door mijn sociale angsten ben ik op voorhand al bang buiten de boot te vallen. Hierdoor spreek ik geen mensen aan, niemand wil toch met mijn situatie geconfronteerd worden?” Toch moet Monique toegeven dat als iemand hier naar vraagt, de reactie eigenlijk altijd meevalt. Sterker nog: er is helemaal geen afwijzing op dat moment. Daarbij ervaart ze het ook als prettig om het er dan even over te kunnen hebben. Monique: “Ik realiseer me nu ik dit zo zeg, dat het eigenlijk wel meevalt.” Gloria: “Dat is nou eens een mooi inzicht!”

Gloria heeft haar gehele jeugd haar best gedaan om er nooit buiten te vallen. “Ik keek altijd bij mijn vriendinnen hoe dingen ‘hoorden te gaan’ en leerde mezelf dit dan aan.” Mede hierdoor heeft zij een rijk sociaal netwerk om zich heen gebouwd. “Hoe hard het ook klinkt, ik wilde alles behalve zoals mijn ouders zijn,” zegt Gloria, hopende dat ze haar moeder hier niet mee kwetst. Wel kan Gloria zich schuldig voelen dat ze door haar drukke leven niet zo vaak langskomt. Gelukkig ziet Monique dit niet zo, zij vindt dat haar dochter goed haar grenzen aangeeft.  Gloria: “Ik heb bewust wat afstand genomen om mezelf in bescherming te nemen. Gelukkig redt ze het nu goed alleen.”

Verantwoordelijk

Toch ging het voor Gloria ook niet altijd zonder vallen en opstaan. Op haar twintigste vertrok zij naar de grote stad om ‘alles achter zich te laten’.  Helaas zorgde dit er juist voor dat ze flink onderuit ging. Gloria kreeg ook depressieve klachten, doordat ze geen controle meer had over de situatie thuis: “Ineens hoefde ik niet meer constant voor mijn ouders te zorgen, maar voor mezelf. Dit was ik natuurlijk niet gewend.” Ze besloot direct hulp te zoeken. Gloria: “Ik heb mijzelf manieren aangeleerd om mijn verleden niet het heden te laten bepalen.”  Ze heeft haar leven nu dan ook goed op de rails. “Want,” zegt ze, “ik vind ook dat je daar – ondanks wat je meemaakt - altijd zelf verantwoordelijk voor bent.” 

Gloria is trots op waar ze nu staat. Ze heeft het naar eigen zeggen, samenwonend met haar vriend in een appartement in Amsterdam, nu een stuk beter voor elkaar dan vroeger. Gloria: “Ik weet daardoor dat het leven maakbaar is. Als je er maar hard genoeg voor werkt. Interessant is dat ik juist dáár nu stress door ervaar.” Gloria geeft aan dat ze, nu alles eigenlijk goed gaat, het moeilijk vindt het gevoel te hebben stil te staan. Het geloof in dat alles te bereiken is, zorgt voor een voortdurend streven naar meer. “Maar,” zegt ze, “in dat opzicht ben ik ook een typische Millennial.” 

Eigen schuld

Gloria heeft er door al haar therapie een kunst van gemaakt in andermans verleden te graven. Ze denkt dat bepaald gedrag altijd te verklaren is. Dus stelt ze de vraag: “Mama, hoe heb jij dan je jeugd ervaren?”. Monique groeide zoals gezegd op in een gezin van elf kinderen. Ze antwoordt: “Het was een heel andere tijd. Kinderen kwamen gewoon, maar waren niet per se gewenst en geliefd. Ik denk dat mijn moeder liever minder kinderen had gekregen.” Gloria denkt dat dit het minderwaardigheidscomplex van haar moeder verklaart. Monique: “Misschien is dat wat zwart-wit. Ik wist in ieder geval: ik hou het lekker bij één kind.” Gloria: “Toch zonde dat dit ook niet vlekkeloos is gegaan.”

Gloria geeft daarna direct toe dat ze soms te streng voor haar moeder kan zijn. Ze was dan ook een lange tijd van mening dat de situatie van haar moeder, haar moeders eigen schuld was: “Ik heb nooit begrepen dat zij altijd bij mijn vader bleef. Zeker omdat hij ook niet goed voor mij was. Nu zie ik wel dat mijn moeder het toen heel moeilijk had.” Gloria moet dan ook toegeven dat Monique het heus goed doet: “Ze doet op haar manier haar best om nog deel uit te maken van de maatschappij.” Daarbij zegt Gloria zelfs van haar moeders ‘eenvoud’ te kunnen leren: “Omdat het leven voor mij nooit groot genoeg kan zijn!”

En nu door

En wat Monique anders had willen doen? “Ik had mijn ogen veel eerder moeten openen. Al die ruzies, de armoede en gebrek aan liefde; ik had je veel meer moeten bieden tijdens je jeugd.” Ze geeft aan dat haar dochter haar nummer één reden is om door te gaan: “Het lichtpuntje in mijn leven.” Gloria raakt ontroerd door wat haar moeder zegt en antwoordt haar allang te hebben vergeven. Tegelijkertijd trekt ook Gloria het boetekleed aan: “Ik moet stoppen met controle willen hebben over wat jij wel - of juist niet - doet. We zijn allebei verantwoordelijk voor ons eigen leven” En dat gezegd hebbende kijken ze nu positief vooruit.

tags: 

Lees de interviews: