Energie stroomt als ik mijn ervaringen mag inzetten

Adeline (65) kreeg pas op haar tweeënveertigste de ruimte om haar trauma's te gaan verwerken. Toen leerde ze haar huidige partner kennen die haar de nodige bescherming bood. Eenentwintig jaar later heeft ze haar kwetsbaarheid omgezet in het werken als vrijwillige ervaringsmedewerker bij Altrecht Senior.

Van jongs af aan heb ik geen veiligheid gekend. Ik kreeg bijna dagelijks te horen dat ik ongewenst was. Als baby groeide ik op met geweldservaringen. Mijn stiefvader was beroepsmilitair en werd zo om de vijf jaar overgeplaatst. Ik kreeg zo nergens 'wortels'. Mijn eigen vader kende ik niet, mijn moeder is met mij weggegaan uit (Indië) Indonesië vanwege de politieke omstandigheden daar.

Veiligheid

Je hebt veiligheid nodig om je kwetsbaar op te kunnen stellen. Ik leerde dat pas toen ik mijn huidige partner ontmoette. Ook bij een therapeut moet ik me veilig voelen, anders ben ik weg. Ik ben overgevoelig geworden voor veiligheid. Als het niet veilig is, dan gaat bij mij de deur meteen dicht.

Daardoor had ik moeite met relaties en nog steeds vind ik dat lastig. Ook kon ik geen banen vasthouden. De spanning werd me vaak veel te groot. Ik heb twee kinderen gekregen uit een heel kort huwelijk en ze alleen opgevoed; de vader zag dat niet zitten. Zo werd ik dan ook nog een bijstandsmoeder.

De klap

Toen mijn oudste kleindochter geboren werd en ik haar voor het eerst vasthield, ging ik emotioneel finaal onderuit . Ik was toen tweeënvijftig. Later legde mijn psychiater me uit dat ik in mijn kleindochter het kleine meisje terugzag dat ik zelf ooit was. Het heeft dertien jaar geduurd voordat ik deze klap te boven was. Bij het Centrum 40-45 (landelijk centrum voor specialistische diagnostiek en behandeling van mensen met complexe psychotraumaklachten), stelden ze al heel snel een diagnose. Ik heb een vroeg kinderlijke gecompliceerde PTSS opgelopen in voormalig Nederlands Indië, in het begin van de vijftiger jaren

Ik was zo blij dat het eindelijk eens een naam kreeg. Door deze diagnose voelde ik me eindelijk gehoord en begrepen: dus daarom had ik chronische depressies. Omdat ik het trauma heb opgelopen in de eerste twee jaren van mijn leven, gevolgd door een gewelddadige jeugd, was ik mij daar nooit bewust van. Mijn ouders waren door de oorlog getraumatiseerd en hadden weinig oog voor hun kinderen.

De genen

Ook de invloed van onze genen mag niet vergeten worden. In mijn familie zit depressies in de genen. Daar werd absoluut niet over gesproken: vuile was hield je binnen. Daardoor nam ik mezelf niet serieus en ging ik weg bij mijn gevoel. Ik werd vroeger veel geslagen. Door mijzelf te 'splitten' kon ik overleven. Zo was ik er niet bij. Ik heb later moeten leren hiermee om te gaan. Dat ik niet bij alles dat angst oproept weer uit mijn lijf schiet en er niet meer bij ben. Via de haptonomie heb ik geleerd om mijn lichaam weer als één geheel te ervaren en bij mijn gevoel te blijven.

Beschermingsmechanismen

Mijn beschermingsmechanismen zijn divers. Zo klap ik bijvoorbeeld dicht wanneer ik me niet veilig voel. Dan voel ik een muur bij mij optrekken. Ook heb ik paniekaanvallen. Deze gebeuren buiten mijn bewustzijn om, net zoals de blackouts die ik soms heb. Dan weet ik even niet meer waar ik ben. Dat is heel vervelend en gaat maar langzaam over. Vijftig jaar lang heb ik nachtmerries gehad totdat een psychiater zei dat deze nare dromen te maken hadden met de onveilige tijd in Indonesië. Vanaf dat moment verdwenen ze. Dat die ander jou serieus neemt, is een beginpunt om jezelf serieus te nemen.

Relaties aangaan vind ik nog altijd niet gemakkelijk, ik trek me gauw terug in contact als het moeilijk wordt. Ik doe het wel, want ik ben een 'wilsmens'. Ik wil graag gezellige vriendinnen en ik wil gezellige dingen doen. Daar moet ik wel wat voor doen, want niks gebeurt vanzelf dus daar werk ik aan. Nu heb ik een kring vriendinnen om me heen. De meeste van hen hebben allemaal een kwetsbaarheid. Ik merk dat ik me daardoor ook niet 'sterk' hoef te houden.

Als ik aan mensen zonder een psychische kwetsbaarheid vertel dat ik bijvoorbeeld niet meer auto kan rijden door mijn angstcomplex, dan kunnen zij dat niet plaatsen is mijn ervaring. Zij kennen dat niet en vinden dat vreemd en anders. Ik vind dat stigmatiserend. Daarom ben ik zo blij om als ambassadeur te werken voor de stichting Samen Sterk Zonder Stigma (SSZS), want daar gaat het alleen maar over dit soort onderwerpen.

Ambassadeur

Door allerlei trainingen die ik gevolgd heb om ambassadeur bij SSZS te kunnen zijn, heb ik veel geleerd. Ook heb ik meegewerkt aan het boek '99 keer anders dan je denkt', waarin interviews met bekende Nederlanders staan over psychische aandoeningen en stigma. Hoe zij stigma tegen komen in hun wereld en hoe zij ermee omgaan. En ook hoe sommigen er zelf mee worstelen. Ik heb eerst een cursus interviewen gehad en daarna veel mensen mogen interviewen, waaronder Hans Wiegel, Andries Knevel en André Rouvoet. Dat was geweldig om te doen.

Dankzij mijn werk ben ik vele grenzen overgegaan met betrekking tot 'het naar buiten treden'. Zo brak het zweet me uit tijdens mijn eerste presentatie voor de stichting, ik stond te bibberden op mijn benen. Ik dacht echt dat ik het niet kon en ik heb gezegd dat ik me niet zo lekker voelde en ben even gaan zitten. Vervolgens heb ik mijzelf zittend voorgesteld. Dat werd geaccepteerd en ik kon me langzaam maar zeker veilig gaan voelen.

Het helpt dat ik weet dat daar ook een aantal mensen werken met een psychische aandoening. Je hebt als het ware een lotgenotencontact en voelt je sneller geaccepteerd van: 'Oké, het is goed, doe het op jouw manier.' Mijzelf door anderen geaccepteerd voelen is voor mij een van de belangrijkste dingen om te kunnen functioneren. Als ik mijzelf veilig, beschermd en geaccepteerd voel, kan ik pas iets betekenen.

Ervaringswerk met senioren

Ik heb de cursus 'Werken met de eigen ervaring' gedaan en werk nu vrijwillig als ervaringswerker voor senior cliënten van Altrecht. Bij deze groep zie je dat zo rond het zestigste levensjaar de levenskrachten minder worden. Daardoor kan men de luiken niet meer omhoog houden en komen onverwerkte dingen eerder naar boven. Mensen kunnen zo in een zware depressie of psychose belanden en dat duurt dan wel een flinke tijd voordat ze daar weer uit zijn. Want hoe haal je mensen uit een depressie terwijl ze in feite gaan werken aan de afsluiting van hun werkzame leven? Wat is dan nog je toekomstperspectief? Hoe krijg je vrede met de moeilijke dingen die gebeurd zijn in je leven? Dat maakt het extra lastig.

Ik houd rekening met grenzen en kwetsbaarheden, waardoor de ander zich geaccepteerd voelt. Hierdoor ontspant en functioneert iemand makkelijker. Het is fijn om te merken dat je mensen met hele kleine stapjes vooruit kunt helpen. Door bijvoorbeeld met hen mee te gaan naar een kledingwinkel, of mee naar de opticien of de dokter. Of met iemand mee te gaan die weer voor het eerst een bus in gaat. Ik vind het fijn om de ander bij de hand te kunnen nemen, want ik begrijp een beetje wat ze doormaken en kan zeggen: 'Pak mijn hand maar als je bang bent, dan doen we het samen.' Dat is voor mij het mooiste werk wat er is. Ook om mensen langzaam weer grip op hun eigen leven te zien krijgen en hen uiteindelijk uit te kunnen zwaaien.

Mijn eigen ervaringen breng ik in op gevoel en regisseer ik niet vooraf. Ik ben iemand die op een natuurlijke manier probeert met de ander verbinding te leggen. Soms maak ik zelfs een grapje. Natuurlijk alleen als het gepast is. Als mensen ergens mee zitten en dat niet durven te zeggen tegen de psychiater, dan zal ik met ze meegaan of ik schrijf het op een briefje en vraag achteraf of het met de psychiater besproken is.

Kwetsbaarheid omzetten in kracht

Ruimte geven, eenzaamheid doorbreken bij anderen die in zo'n situatie zitten, is zo belangrijk. Het raakt me altijd om te zien hoe eenzaam mensen kunnen zijn in hun vastgelopen processen. Als ze dan beginnen met praten. Vaak herken ik veel van wat ik zelf ook heb meegemaakt. Ik hoor dingen die zestig jaar onder de pet zijn gehouden. Het is zo ingrijpend als dat dan niet meer lukt. Dan kom ik bij iemand zitten en zeg: 'Vertel maar, het is niet gek!' Daar kan je dan samen ook even om lachen.

Zo zet ik letterlijk mijn eigen kwetsbaarheid om in kracht. Ik geef die ander kracht door er naast te gaan zitten en te zeggen: 'Het is niet gek, je bent niet gek. Het is herkenbaar, ik weet waar je het over hebt. Laten we eens kijken hoe we hier samen uitkomen.' Dat vind ik prachtig.

  


Adeline

tags: 

Lees de interviews: